Op deze pagina vind je projecten en activiteiten die het B-Team afgerond heeft en ook een gedeelte van de projecten en activiteiten waar we mee bezig zijn.
We blijven deze lijst aanvullen.

Laatst bijgewerkt op: woensdag 01-06-2016
 
Klein Kopenhagen 2
Boomfeestweek 2010
‘Klein Kopenhagen’ Conferentie Klimaat Neutraal Oisterwijk
B-Team Oisterwijk in de bres voor kleine natuurgebieden
Eekhoornbos, Bert de eekhoorn komt hier weer wonen.
Nieuwjaarsactie
Afscheid B-Team leden Jan Zandbergen en Harm Detz
Ruisend viel het graan....
Invasieve planten
Bezoek B-Team aan de Heistraat en Pastoorspaadje in Moergestel op 22 april 2009
Foto's van de werkzaamheden van de Voorste Stroom in Oisterwijk
Inheems of autochtoon?
Studiedag Oude boskernen en autochtone bomen en struiken
B-Team gast bij de Raad
Raad Oisterwijk bezoekt B-Team
Foto's van biodiversiteit Natuurtheater in Oisterwijk
Eikeboom van het B-Team geplant in Berezhany
Fietspad Zandstraat
Excursie van het B-Team naar het Kruidenrijk
Pastoorspaadje Moergestel
Muur aan de Gasthuisstraat
Rapportage over De Lind 20 in PDF formaat.
 
 

Klein Kopenhagen 2

Hieronder een verslag van Klein Kopenhagen 2, aangezien het B-Team daarbij aanwezig was.

 

‘Klein Kopenhagen 2’
Conferentie Klimaat Neutraal Oisterwijk

Datum: 9 juli 2010

Lokatie: Starsock, Parklaan 14, Oisterwijk

Aanwezigen: Joop van Hezik (wethouder Oisterwijk en dagvoorzitter), zie verder  bijgevoegde presentielijst.

Afgemeld: Hans de Man, Frans Becx, Frank van Oers, Frank Kapteijns, A. van Hal, Jens Christiaanse, John Cormelissen, René van den Hout, Magda Peeters, Michel de Kroon, Peter Smit, Reynier van Bommel, Ria Stam, de heer Vriens.
 
Stand van zaken afspraken Klein Kopenhagen
Communicatie naar de burger: er heeft een energiemarkt plaatsgevonden op 8 juni 2010. Deze markt was erop gericht de woningbezitters te stimuleren om maatregelen te treffen het energieverbruik te verminderen. Tijdens deze bijeenkomst is gewezen op de subsidiemogelijkheden.
10-puntenplan bedrijven: De Toestroom heeft een 7-puntenplan opgesteld waarvan hun leden gebruik kunnen maken om een bijdrage te leveren aan het klimaatbeleid van de gemeente Oisterwijk (is bijgevoegd).

Duurzaam ondernemen
Albert Munneke van adviesburau EZONN heeft een toelichting gegeven op ‘duurzaam ondernemen’. De sheets zijn bijgevoegd.
De locatie waar de conferentie plaatsvindt is een goed voorbeeld van duurzaam ondernemen. Het begint bij het ontwerp van het bedrijfspand, het is een duurzaam en klimaatvriendelijk gebouw. De architect, Pieter van Gisbergen die samen met Eric Roosen verantwoordelijk is voor het ontwerp geven een toelichting op het duurzame gebouw en duurzaam ondernemen. Duurzaam ondernemen gaat verder dan een duurzaam gebouw. Ook de aandacht voor de mensen / medewerkers draagt aan duurzaamheid bij evenals een rendabele bedrijfsvoering. Een goede balans tussen People, Planet en Profit leidt tot duurzaamheid.
Eric Roosen heeft laten zien dat een duurzaam bedrijf toekomst heeft. Het vergt een andere manier van denken en een dosis lef. Uiteindelijk is het een kwestie van DOEN.
Duurzaam ondernemen kan ook beginnen met kleine stappen. Bijvoorbeeld door te inventariseren waar energie kan worden bespaard in de bedrijfsvoering. Peter Spijkers (Solvid Diensten) heeft laten zien dat het gebruik maken van externe server-ruimte leidt tot energiebesparing.

Ondertekening intentieverklaring
Naar aanleiding van het door De Toestroom opgestelde ‘7-puntenplan ondernemers, Klimaatbeleid gemeente Oisterwijk’ hebben Joop van Hezik namens de gemeente Oisterwijk en Peter Dirks namens De Toestroom een intentieverklaring ondertekend. Hierin verplicht:
De Toestroom haar leden te stimuleren mee te werken aan de uitvoering van de intentie door het ondertekenen van het 7-puntenplan
De gemeente verplicht zich hiermee om deelnemende leden van de Toestroom / deelnemende bedrijven hierbij te ondersteunen door actief te communiceren over de samenwerking van de gemeente met de deelnemende leden / bedrijven van De Toestroom en de mogelijkheid te onderzoeken om de inzet van de deelnemende bedrijven middels een kwalificatie te belonen.

Samenvatting
Duurzaam ondernemen betekent:
- doorzettingsvermogen
- lef
- toekomstgericht
- balans tussen people, planet en profit

Download hier het 7 stappenplan en Ezonn PP Klein Kopenhagen

Terug naar boven

 

Boomfeestweek 2010

Tijdens de Boomfeestweek, die dit jaar in Oisterwijk werd gehouden, zijn een aantal B-Teamleden naar de basisscholen in Oisterwijk en Moergestel geweest om uitleg te geven over biodiversiteit. De kinderen konden zelf ook een speciale verklaring tekenen die later overhandigd zal worden aan Onno Hoes.
Hier een aantal images/images/Projecten van die dag: images/images/Projecten Boomfeestweek.

IMG 0828 IMG 5663

Hieronder een verslag:
Op woensdag 17 maart 2010 werd de 54ste editie van de Nationale Boomfeestdag gevierd. In heel Nederland werden er die dag in ruim 400 gemeenten zeker 100.000 kinderen bomen geplant. In totaal waren dat minimaal 200.000 bomen en struiken. Deze editie van de boomfeestdag was een hele bijzondere, want Oisterwijk werd door de Provinciale Boomfeestdag-Brabant uitgeroepen tot Accentgemeente van Brabant. Bovendien is 2010 het jaar van de BIODIVERSITEIT en COUNTDOWN 2010 en dat wilde de gemeente Oisterwijk zeker niet zomaar voorbij laten gaan. Daarom werd de boomfeestdag uitgebreid tot een BoomfeestWEEK! Deze boomfeestweek is gehouden van maandag 15 maart 20010 tot en met zondag 21 maart 2010.

Verschillende lokale organisaties uit Oisterwijk zoals het Biodiversiteitteam, IVN, SPOT, de Heemkundekring en ‘Wie Kent Kunst’ hebben samen met de gemeente de boomfeestweek tot een succes gemaakt. Kinderen en jongeren plantte bomen, verschillende organisaties gaven educatie, er was een fiets- en wandelroute langs bijzondere bomen georganiseerd en er werd een klimaatconferentie gehouden. De rode draad van de boomfeestweek was de eekhoorn die de gemeente Oisterwijk heeft gekozen als adoptiesoort vanuit de duurzame driehoek.

Terug naar boven

 

‘Klein Kopenhagen’
Conferentie Klimaat Neutraal Oisterwijk

Datum: 19 maart 2010
Lokatie: Raadhuis gemeente Oisterwijk

Aftrap
Groep 7 van Basisschool De Molenhoek heeft middels het rapnummer ‘Broeikkaseffect’ de aftrap van de conferentie gedaan.

Ondertekening 10-puntenplan
De Vereniging Klimaatverbond Nederland heeft met betrekking tot een beter klimaatbeleid een 10puntenplan opgesteld. Wethouder Joop van Hezik heeft vandaag namens de gemeente Oisterwijk dit plan ondertekend. In het plan staan concrete acties welke door de gemeente Oisterwijk uitgevoerd worden om te komen tot een klimaatneutraal Oisterwijk.

Compensatiefonds
Jeroen van Ingh (Rabobank Hilvarenbeek-Oisterwijk) is de initiator van een compensatiefonds ten behoeve van CO2-reductie. Het fonds dat om niet wordt vastgelegd in een notariële akte door de heer Joop Vrijdag (De Hair Vrijdag Maris Notarissen), dient om lokale klimaatinitiatieven financieel te ondersteunen. Naast de Rabobank hebben de Woonstichting Stromenland en de gemeente Oisterwijk een bedrag van € 2.500 ingelegd. Bedrijven worden uitgenodigd het initiatief te ondersteunen en deel te nemen.

Mondiale voetafdruk
De presentatie van Jan Juffermans (Stichting De Kleine Aarde) over de Mondiale Voetafdruk laat zie dat het de hoogste tijd (voor sommige populaties al te laat) is om het gebruik van de biocapaciteit van de aarde af te stemmen op de beschikbaarheid. De Mondiale Voetafdruk is een meetmethode om inzichtelijk te maken hoeveel hectare je als persoon / bedrijf op dit moment gebruikt van de aarde. In Europa woont 7 % van de wereldbevolking en dit deel van de bevolking gebruikt 17 % van de gebruiksruimte.
Inmiddels wordt elk jaar de gemiddelde voetafdruk per land, uitgedrukt in ha, gepubliceerd. Dit kan leiden tot een competitiestrijd ten einde lager op de ranglijst te komen van landen met het meeste ruimtegebruik.
De presentatie is bijgevoegd. Informatie voor een Organisatie Voetafdruk bij bedrijven is terug te vinden in de uitgereikte folder.

Discussie
Tijdens de discussie blijkt dat de noodzaak om te komen tot een klimaatneutrale woonomgeving voor alle aanwezigen vaststaat. De vraag is hoe en op welke wijze. Hierbij zijn verschillende mogelijkheden expliciet naar voren gekomen zoals:
Bouwen
Bij de realisatie van nieuwbouw is het relatief makkelijk om duurzaam te bouwen. De woonstichting Stromenland heeft een convenant duurzaamheid ondertekend. Er wordt in de geest van de convenant gehandeld maar het  is nog niet verankerd in beleid. Zolang er geen beleid is wordt duurzaamheid vaak niet vanaf de ontwikkelfase meegenomen of het wordt als eerste weggestreept wanneer de financien daartoe aanleiding geven. Hierdoor blijven kansen liggen.
Woningbezitters van bestaande bouw stimuleren om aanpassingen te realiseren waardoor het  energieverbruik vermindert. Dit kan door onder andere communicatie (bv. bij de bouwaanvraag) en een aantrekkelijke mogelijkheid om voorfinanciering te regelen.
De gemeente kan duurzaam bouwen stimuleren middels beleid.
Profileer je als gemeente door een pilot Klimaat Neutraal Bouwen, bijvoorbeeld op het KVL-terrein.

Integrale aanpak
Parkmanagement inzetten om een duurzaam bedrijventerrein te realiseren. Hierbij kan gedacht worden aan gezamenlijke afvalverwijdering, inzetten van vrijkomend afval als grondstof, koelwater gebruiken voor verwarming.
Naast lokale initiatieven kunnen energieleveranciers meedenken om te komen tot decentralisatie van energie-opwekking. Dit is nodig om te komen tot een optimale kringloop op lokaal niveau. 
Advisering
Met betrekking tot energiebesparing de gebruikers / burgers in Oisterwijk adviseren. Deze adviezen kunnen door verschillende instanties gegeven worden zoals  energieleveranciers, bedrijven die installaties onderhouden. Dit leidt tot win / win situaties (CO2-reductie en financieel).

Samenvatting
Duurzaam moet:

  1. in een duidelijke boodschap uitgedragen worden
  2. een uitdaging worden
  3. integraal worden aangepakt
  4. geconcretiseerd worden

Toezeggingen
Essent geeft aan een adviseur voor de gemeente Oisterwijk te willen zijn met betrekking tot een klimaatneutrale gemeente.
Daarnaast wordt vóór de zomer:

  1. beleid geformuleerd door Woonstichting Stromenland ten aanzien van klimaat en duurzaamheid;
  2. een tweede bijeenkomst gepland, hiervoor worden ook de scholen uitgenodigd;
  3. door de gemeente aandacht besteed aan communicatie naar de burger;
  4. door alle aanwezigen bekeken welke concrete acties binnen hun bedrijf in gang gezet kunnen worden om bij te dragen  aan een klimaat neutrale gemeente. Deze dienen dan als input voor het 10-puntenplan bedrijven.

Hieronder nog een stukje over nieuwbouw dat menigeen aan het denken kan zetten:

Tekst: Kris De Decker

Huis afbreken is ecologische misdaad

Oude gebouwen worden steeds vaker afgebroken met het argument dat nieuwe gebouwen dankzij groene technologie veel minder energie verbruiken en dus een pak milieuvriendelijker zijn. Maar die vlieger gaat niet op, zo blijkt uit een aantal recente onderzoeken. De afbraak van het oude gebouw en de constructie van het nieuwe gebouw vragen zoveel energie dat het vele decennia duurt eer een nieuw huis een milieuvoordeel oplevert. Een milieuvriendelijk gebouw is een gebouw dat er al staat.

Er zijn bibliotheken volgeschreven over het belang van goed geïsoleerde huizen. Wie zijn huis niet goed isoleert, zo luidt het dogma, schaadt het milieu. Daarom gaan veel mensen er van uit dat het goed is om een oud, slecht geïsoleerd huis af te breken en er een nieuw, goed geïsoleerd gebouw voor in de plaats te zetten.
Maar dat is niet zo vanzelfsprekend. Er wordt in deze redenering alleen maar rekening gehouden met de energie die wordt verbruikt tijdens de bewoning van het huis. De energie die nodig is om een oud huis af te breken en een nieuw huis op te bouwen, wordt volledig buiten beschouwing gelaten. Die informatie is van essentieel belang om te kunnen oordelen of een nieuw huis wel degelijk milieuvriendelijker is dan een oud huis, maar vreemd genoeg was daar tot voor kort geen enkele studie over uitgevoerd.


Afbraak
Het energieverbruik van huizen is op te delen in twee etappes. Enerzijds is er het “operationele” energieverbruik, met name de verwarming en het elektriciteitsverbruik, dat een aanvang neemt van zodra het huis wordt bewoond. Anderzijds is er het “ingebedde” energieverbruik. Dat betreft de energie die nodig is om de constructiemachines te doen werken en de energie die nodig is om de bouwmaterialen te produceren en te transporteren.
Bij de afbraak van een huis gaat al die ingebedde energie verloren. Ook het afbreken zelf kost energie, en levert bovendien een aanzienlijke hoeveelheid afval op, die opnieuw vervoerd moet worden. Als een oud gebouw wordt afgebroken om er een nieuw voor in de plaats te zetten, kost dat dus heel wat energie.


Isolatie
Daar staat tegenover dat het nieuwe huis beter geïsoleerd is en dus minder energie zal verbruiken terwijl het wordt bewoond (het gaat dan alleen om de verwarming, want het elektriciteitsverbruik van huishoudelijke apparaten gaat niet omlaag door een betere isolatie). Een oud huis afbreken om er een nieuw voor in de plaats te zetten, kost dus aanvankelijk energie, maar dat wordt later goedgemaakt omdat er minder energie opgaat aan verwarming. Maar wanneer? Tot voor kort konden we daar alleen maar naar gissen, maar nu zijn er eindelijk een paar onderzoeken uitgevoerd die op zijn minst een idee geven van de verhoudingen.


Groene technologie
Volgens berekeningen van de Amerikaanse "National Trust for Preservation" duurt het 65 jaar alvorens een nieuw, energie-efficiënt kantoorgebouw de energie recupereert die verloren ging door de afbraak van het oude gebouw, zelfs als 40 procent van het nieuwe gebouw uit gerecycleerde materialen bestaat. De voorzitter van de vereniging, Richard Moe, voegde er vorige week in een speech aan toe dat de meeste nieuwe gebouwen niet eens een verwachte levensduur van 65 jaar hebben, en dat een derde van de nu bestaande gebouwen in de VS in 2030 zal afgebroken zijn. Als hij gelijk heeft, dan is het vervangen van een oud gebouw door een nieuw gebouw een slechte zaak voor het milieu, ook al zit dat nieuwe gebouw volgestopt met groene technologie.
De “Empty Homes Agency”, een Engelse organisatie die strijdt tegen leegstand, publiceerde twee weken geleden een onderzoek dat tot soortgelijke resultaten komt. De studie maakt een vergelijking tussen het energieverbruik van nieuwbouw en (grondige) renovatie, op basis van zes bestaande gevallen (3 nieuwbouwhuizen en 3 renovaties).
De conclusie van het onderzoek luidt dat het 35 tot 50 jaar duurt eer een nieuwe eengezinswoning een milieuvoordeel oplevert tegenover een gerenoveerd oud huis. Bij een renovatie blijven in elk geval de muren overeind, en het is de productie en het transport van bakstenen en beton die het meeste energie vraagt (bijna 70 procent van het totale “ingebedde” energieverbruik). Tegelijk zorgt de renovatie voor een betere isolatie, die niet veel moet onderdoen voor die van een nieuwbouwhuis.

200 laptops
Volgens het Engelse onderzoek is er voor het bouwen van een eenvoudige eengezinswoning 90.000 kilowattuur energie nodig – daarmee kan je 200 laptops een jaar lang 24 uur per dag doen werken. Voor een grondige renovatie is gemiddeld 15.000 kilowattuur energie nodig. Per vierkante meter kost een renovatieproject 104 kilogram CO2-uitstoot en een nieuwbouwproject 475 kilogram CO2. Dat betekent dat 1 vierkante meter nieuwbouw meer CO2 veroorzaakt dan een vliegreis Brussel-Lissabon (heen en weer, per passagier). In het Engelse onderzoek wordt geen rekening gehouden met de energie die verloren gaat bij de afbraak van het oude huis dat plaats moet ruimen voor een nieuwbouwhuis.
Gebouwen zijn grote energievreters en ze zijn verantwoordelijk voor een flink deel van de uitstoot van broeikasgassen, vergelijkbaar met de ecologische impact van alle transportmiddelen samen. Door oude gebouwen neer te halen en ze te vervangen door energie-efficiënte gebouwen, maken we dat alleen maar erger.
Als we die nieuwe gebouwen lang genoeg laten staan, zullen ze in de tweede helft van deze eeuw inderdaad energie besparen. Maar tot die tijd zal deze aanpak het energieverbruik alleen maar doen stijgen. Hetzelfde effect doet zich overigens voor bij zonnepanelen, maar daar treedt het positieve effect al op na 2 tot 7 jaar.


Betonboeren
De aangehaalde onderzoeken zijn niet wetenschappelijk te noemen, in de zin dat ze niet in een wetenschappelijk tijdschrift zijn gepubliceerd, of door andere onderzoekers zijn geverifieerd. Het zal dus niet lang duren eer betonboeren de resultaten betwisten. Er gaat bijzonder veel geld om in de vastgoedwereld, en van het niet afbreken en het niet bouwen van huizen wordt niemand rijk. Wellicht zijn ook monumentenorganisaties niet de meest objectieve partij om dit soort onderzoeken uit te voeren, aangezien het ecologische nadeel van afbraak ook goed in hun kraam past. Het wordt dus hoog tijd dat het thema serieus wordt onderzocht.

Kris De Decker is initaitiefnemer van www.lowtechmagazine.be

Streamers:

"Van het niet afbreken en het niet bouwen van huizen wordt niemand rijk"

Het duurt makkelijk 50 jaar eer een nieuw, goed geïsoleerd gebouw een energiebesparing oplevert.

"Eén vierkante meter nieuwbouw kost evenveel CO2 als een vliegreis Brussel-Lissabon - heen en weer, per passagier"

"Door oude gebouwen neer te halen en ze te vervangen door energie-efficiënte gebouwen, stijgt het energieverbruik."

Terug naar boven

 

Eekhoornbos, Bert de eekhoorn komt hier weer wonen.

Hieronder images/images/Projecten horen bij de klus, die o.a. B-teammensen hebben geklaard bij een (eekhoorn)bosje bij de Dommel, straat in Oisterwijk. Naast B-teammensen, zijn natuurlijk de bewoners volop aan het meeklussen en ook een paar mensen van de gemeente.

Wat heel bijzonder is, is dat dit het eerste bosje is waar bijna 100% verantwoordelijk en autochtoon boommateriaal wordt gepland.

Het was er bijzonder koud en donker, er werd nog niets geplant of zo, de gemeente maakte enkel de omgeving rond het eekhoorbosje klaar om verder aangepast en ingericht te kunnen worden. Het aanplanten van zal plaatsvinden op 15 maart.

Hier onder enkele foto's. Voor meer foto's: Eekhoornbos

Vele handen maken licht werk Vele handen maken licht werk

Terug naar boven

 

Nieuwjaarsactie

Ook dit jaar waren weer B-Team leden op de nieuwjaarsreceptie aanwezig, om een biodiverse attentie uit te delen.

Dit keer hadden een aantal leden hard gewerkt aan in totaal 120 insectenhotels met een mooie beschrijving erbij. De hotels werden goed ontvangen en we hopen dat er zo weer een bijdrage geleverd is aan de bewustwording voor meer biodiversiteit in Oisterwijk in 2010.

Hieronder zie je de images/images/Projecten van het maken van de insectenhotels, waarbij we ook hulp hebben gekregen van twee enthousiaste kinderen van B-Team leden.

Met dank een Bert Klerks en zijn vrouw voor het gebruik van de ruimte en de heerlijke koffie en zelf gemaakte chocolademelk, die erg welkom waren vanwege het koude weer.

Hieronder enkele foto's. Voor alle foto's: Nieuwjaar 2009

Images/images/Projecten zijn gemaakt door Gerien de Zeeuw, Jasper de Brouwer en Hanneke de Brouwer.

Ook de jeugd werkt hard mee. Guusje en Jasper het eindresultaat: het insectenhotel

Terug naar boven

 

Afscheid Jan Zandbergen en Harm Detz van het B-team Oisterwijk
Heukelom, 6 november 2009
Op 6 november om 14.00 uur werden we hartelijk ontvangen door Dré en zijn vrouw. De koffie stond klaar met heerlijke eigengemaakte taart.
http://www.schoolplaten.com/appeltaart-t10256.jpg
http://www.gilde-st-antonius-abt.nl/images/Anschutz%201907%20links.gif Niet alle leden van het B-team konden aanwezig zijn, maar de tafel in de huiskamer zat aardig vol. Het was zo gezellig dat we bijna vergaten waarvoor we bij elkaar waren gekomen. Het was nog een druk programma die middag, dus jassen aan en naar buiten!
We maakten een ronde door de tuin van Dré en zijn vrouw en kregen daar een korte uitleg over de gesnoeide fruitbomen. Jan en Harm vulden regelmatig Dré daarbij aan.
Vervolgens maakte we een wandeling door en langs de akkers van het landelijke Heukelom op weg naar het Schuttersgilde. Hier aangekomen kregen we eerst een duidelijke uitleg en daarna mochten we een twee tal uren schieten op de schutterspalen. De één ging het wat beter af dan de ander, maar de sfeer was ontzettend gezellig. Onder het genot van een drankje vond er in het kleine sfeervolle clubgebouw ook nog een heuse prijsuitreiking plaats.

Aan het einde van de middag togen we via een omweg, eveneens door de prachtige natuur van dit buitengebied, weer naar het huis van Dré. Onder het genot van een borreltje en voor een aantal een echte trappist, kregen Jan en Harm nog een mooie afscheidstoespraak met bijbehorend cadeau. Hoewel het programma inmiddels was afgelopen en de meeste leden alweer naar huis waren, bleven een aantal nog lekker lang naborrelen!

Deze middag was zeer geslaagd, erg gezellig en voor herhaling vatbaar. Het is erg leuk om op deze manier je collega’s van het B-team beter te leren kennen.

http://www.dendobbelepater.be/images/dubbel.jpg

Ellen van Rijn, B-team lid

Meer Foto's: afscheid Jan Zandbergen en Harm Detz

B-Team Oisterwijk op de koffie met zelfgemaakt gebak bij Drè en zijn vrouw tijdens het afscheid van Jan en Harm B-Team Oisterwijk tijdens een rondleiding in de tuin van Drè met snoeiuitleg door Jan
Schietoefeningen door het B-Team Oisterwijk tijdens het afscheid van Jan en Harm

 

Terug naar boven

 

Ruisend viel het graan…
Door Wim Schoenmakers

Heel, heel, heel erg lang geleden, het was tijdens mijn jeugd, zag je nog veel graanakkers met haver, tarwe, rogge of gerst in Nederland.
Daartussen groeiden allerlei eenjarige daglichtkiemers, zoals koren- bloemen, klaprozen, en ook distelsoorten en akkerwinde.
Na de oogst kwamen weer allerlei andere planten tot leven zoals het akkerviooltje, guichelheil en muur.
Biodiversiteit vierde daar toen nog hoogtij!

Nu zaaien o.a. de natuurorganisaties soms nog wel eens wat rogge in,
bijvoorbeeld om een bolle akker eer aan te doen, maar vrijwel alle bovengenoemde graansoorten hebben in ons land plaats moeten maken voor de graansoort maïs. In het landschap verschijnen steeds vaker saaie uitzichtbenemende eentonige maïsvelden ,waartussen nog nauwelijks groeimogelijkheden zijn voor andere planten.
Insecten worden daar niet vrolijk van!
En ook de vogels kunnen geen graantjes meer meepikken!

Economische factoren zijn de oorzaak van de sterk toegenomen maïsproductie: een hoge opbrengst, en snel te oogsten. In een half uurtje is een grote akker met maïs geoogst, versnipperd, en per container afgevoerd om te worden ingekuild.

Graan is een verzamelnaam voor grassen met eetbare zaden, die  wereldwijd de belangrijkste voedingsbron voor de mens vormen.
Graan behoort tot de groep planten van de eenzaadlobbigen, ook wel monocotylen genoemd. Bij de eenzaadlobbigen liggen de vaat- bundels in de stengel verspreid, waardoor er geen cambiumring aanwezig is, en er daarom geen diktegroei van de stengel is.   
 
Granen zijn eigenlijk zaden (vruchten) van eenjarige grassoorten, in de vorm van aren. Elke aar bevat 60 tot 80 graankorrels.

Van de 4 bekendste graansoorten geef ik u wat algemene informatie:

Gerst
Haver
Tarwe
Rogge

Gerst (Hordeum)
Het plantengeslacht gerst omvat een twintigtal soorten, waarvan er vele als graangewas gekweekt worden. De meest gekweekte soort is gerst (Hordeum vulgare)
Gerst is een oude graansoort, die in Europa al eerder voor kwam dan tarwe, en waarschijnlijk afkomstig is uit Abessinië.
Vroeger speelde gerst als volksvoedingsmiddel een grotere rol dan tarwe. In de Scandinavische landen en Schotland wordt gerst ook nu nog gebruikt als broodgraan.
Door zijn korte ontwikkelingsduur en geringe warmtebehoefte is gerst uitermate geschikt voor de noordelijke landen.
Gerst heeft een hoog kalium en fosforgehalte en is licht verteerbaar.
Daarom is verwerking tot gort (gepelde gerst) en kindervoedsel van belang.

Het grootste gedeelte van de gerstoogst wordt gebruikt als veevoer, een deel gaat naar de bierbrouwerijen, en een klein deel is bestemd voor menselijke consumptie.
Rusland en de Verenigde Staten zijn de belangrijkste producenten.

Haver (Avena)
Het geslacht haver omvat slechts een tiental soorten.Hieruit zijn door selectie, belangrijke voedergranen ontstaan.
Haver wordt voornamelijk geproduceerd als veevoer.

Het is de graansoort met het hoogste vetgehalte. Daarom wordt haver  vaak in de zeepindustrie gebruikt bij het maken van zachte zeep.

Havermout zijn de gepelde, gestoomde en geplette haverkorrels. De oorsprong ligt in Schotland waar dit als vanouds volksvoedsel nummer 1 is. Havermout vereist een lange kooktijd van 20 minuten.
Vermengd met eiwit kan havermout dienen als krokante korst op ovenschotels.

Tarwe (Triticum)
Tarwe is verreweg de belangrijkste graansoort ter wereld, met name Triticum aestivum.
Tarwemeel heeft een uitstekend bakvermogen omdat 80% van de eiwitten gluten zijn, een eiwitachtige kleefstof. Bij het kneden vormen de gluten dunne elastische lagen, waar lucht en koolzuur in blijft zitten. Sommige mensen zijn gevoelig voor gluten.

Het buitenste vliesje of kaf van de tarwekorrel is onverteerbaar, en moet verwijderd worden. Tarwe bevat veel magnesium.
Tarwe wordt in de eerste plaats gebruikt als broodgraan, maar ook voor lijmstoffen, bier en jenever, en het vlechten van strohoeden.

Tarwegronden bij uitstek zijn de continentale steppegronden in Rusland, en de prairies van Noord-Amerika: voldoende vochtigheid voor de groei in het voorjaar, en zomerdroogte voor het rijpen.

Rogge (Secale cereale L.)
Rogge kent nauwelijks variëteiten. Rogge is speciaal geschikt voor de arme zandgronden,waardoor men ook in die gebieden nog een lonend landbouwbedrijf kon uitoefenen.
Het meel wordt voornamelijk gebruikt bij de veehouderij voor het mesten van varkens en kalveren.
Rogge bevat evenals tarwe, geen gluten. Roggebloem wordt o.a. gebruikt bij ontbijtkoek, knäckebröd en taai- taai.
Roggebrood wordt gebakken van gemalen of grof gebroken rogge, zonder gist.
In Amerika wordt rogge gebruikt bij het stoken van Bourbon (whisky), dankzij de iets zoete smaak en geur die het afgeeft.

Moederkoorn (Claviceps purpurea)

 

U heeft gelijk; dit is geen graansoort!
Moederkoren of moederkoorn, is een graanschimmel die rogge en tarwe kan infecteren, waardoor in plaats van zaden, zwarte schimmel sclerotiën gevormd worden. Deze bevatten giftige alkaloïden die stolling van het bloed kunnen veroorzaken. Hierdoor ontstaan doorbloedingsproblemen waardoor vingers, tenen en andere lede- maten kunnen afsterven. Voor een volwassen persoon kan 5 à 10 gram Moederkoorn al dodelijk zijn.
Vooral in de Middeleeuwen kwamen vaak vergiftigingen voor met besmet meel die soms epidemische proporties aannamen, en hele dorpen of steden werden uitgeroeid.

De naam Moederkoorn is ontstaan omdat de gifstof door vroed- vrouwen als bloedstelpend middel werd gebruikt bij zware beval- lingen.Tegenwoordig wordt er scherp op toegezien dat er geen sclerotiën meer in het voedsel terechtkomen.

Een soortgelijke ziekte zie je nog wel eens op grote grasachtigen, zoals riet en pijpenstrootje. Dit moederkoren is veel kleiner.

 

Graanveld met korenbloem en
andere wilde planten erin.
Monotoom maïsveld
Terug naar boven  

 

Invasieve planten
Door Wim Schoenmakers

De meeste exotische planten die zich in ons land gaan vestigen, leiden niet tot grote problemen. Sommige exoten ontwikkelen zich hier echter zeer explosief. Ze vallen als het ware een nieuw gebied aan. Deze “woekerende” exoten noemen we invasief.

Invasieve soorten gelden als de tweede bedreiging van biodiversiteit, na habitatverlies.
Ze kunnen veel economische en ecologische schade aanrichten, en leveren soms ook een gevaar op voor de volksgezondheid.

Invasieve planten kunnen in ons land opzettelijk of onopzettelijk zijn ingevoerd.
Onopzettelijk worden er bijvoorbeeld plantenzaden uit andere landen  als verstekeling aangevoerd  tijdens de invoer van  granen, hout, erts en allerlei andere producten uit het buitenland.
Opzettelijk worden er planten  ingevoerd om hun sierwaarde, waarbij soms  ná  hun introductie pas blijkt dat ze zich explosief  gaan ontwikkelen.

Enkele voorbeelden van  invasieve planten zijn:

De reuzenberenklauw (Heracleum mantegazzianum)
De gewone berenklauw is een algemene plant in Nederland. Zijn grote broertje daarentegen komt  uit de Kaukasus, en is in Nederland in de negentiende eeuw als sierplant geïmporteerd.
Hij kan wel 3,5 m hoog worden. De prachtige bloemschermen met wel 80.000 mooie witte bloemen per plant, leveren daarna echter evenzoveel kiemkrachtige zaadjes!
Eén reuzenberenklauw kan duizenden nakomelingen voortbrengen, en zodoende een groot gebied ‘koloniseren’.
Deze strijdlustige plant vormt erg dichte groepen die andere inheemse  plantensoorten doet verstikken, door gebrek aan zonlicht.

De plant kan ook gevaarlijk zijn voor de mens. De stengelharen veroorzaken wondjes op de huid. Het sap dat de plant afscheidt, maakt de huid overgevoelig voor zonlicht waardoor brandblaren kunnen ontstaan. Als het plantensap in de ogen terechtkomt, kan dat blindheid tot gevolg hebben.

Utrecht is er begin 2009 mee begonnen om de reuzenberenklauw binnen de gemeentegrenzen volledig te vernietigen.
Langs biologische weg worden de wortels van de plant aangetast waardoor zaadvorming wordt tegengegaan.

Reuzebereklauw Japanse duizendknoop

De Japanse duizendknoop (Fallopia japonica)
Deze plant is bij ons geïntroduceerd als sierplant en voedergewas. Van oorsprong hoort hij thuis in Oost-Azië  (China-Taiwan-Japan). Het is een diepwortelende vaste plant, met stevige wortelstokken.
De plant is te herkennen aan zijn lange stengels met zijtakken. Ze kunnen 3 m hoog en 2 m breed worden. De plant groeit meerdere centimeters per dag, en sterft in de winter bovengronds af.

Ze groeien in dichte ondoordringbare groepen, en maken het leven van alle andere daar voorkomende planten onmogelijk.

Uitroeien is een kwestie van veel geduld. Vaak maaien en afvoeren.
Het maaisel niet vermengen met gewoon groenafval, want ieder stukje kan opnieuw uitlopen. Bedekken in het begin van de winter met een niet lichtdoorlatende materie is ook een optie.
In Oisterwijk staat de Japanse duizendknoop onder andere langs het fietspad in het Lindepark voorbij het notariskantoor.

De Amerikaanse vogelkers (Prunus serotina)
Deze plant is afkomstig uit het zuiden en oosten van Noord-Amerika en werd hier in de 19e eeuw aanvankelijk ingevoerd als sierboom. De plant werd later bewust aangeplant als bodemverbeteraar voor voedselarme zure  bodems, omdat zijn strooisel snel verteert. Ook bleek hij onder andere voorspoedig  te groeien onder de weinig licht doorlatende kruinen van de Grove den in productiebossen.

Al spoedig groeide de Amerikaanse vogelkers uit tot een plaag, en kreeg hij de bijnaam “bospest”.
Kosten nog moeite worden nu gespaard om deze plant te bestrijden, maar dit blijkt een vrij hopeloze onderneming te zijn. Er hoeft maar een heel klein stukje plant in de bodem achter te blijven, en er vormt zich al weer een nieuwe struik.

Ook vogels zorgen voor verspreiding van de plant. Ze eten de rijpe vruchten van de plant, en verspreiden de zaden via hun uitwerpselen.

Amerikaanse vogelkers Knolcyperus

De knolcyperus (Cyperus esculentus)
Deze plant is in Nederland rond 1975 per ongeluk ingevoerd, met knolletjes van Gladiolen. In 1985 is hij geïdentificeerd in het grens- gebied van Noord-Limburg en Noord-Brabant.

De wortelstokken van de Knolcyperus lopen uit in knolletjes ter grootte van erwten. Deze knolletjes vormen het verspreidingsorgaan van de plant. (vegetatief ) Vermeerdering door zaad vind zeer zelden plaats.
Eén plant kan in één seizoen wel vijfhonderd knolletjes voortbrengen, die allemaal opnieuw kunnen uitlopen, als de gevormde spruit wordt vernietigd. Nadat een tien jaar durende uitroeiingscampagne werd gestopt, tracht men nu in Nederland met deze onwelkome nieuweling te leven. 

De dichte mat van wortelstokken van de Knolcyperus leiden tot een sterk verminderde opbrengst van de oogst.

Dit hardnekkige onkruid bedreigt de goede kwaliteit van de Nederlandse land- en tuinbouwproducten. Het is een gevaar voor partijen plant en pootgoed, en voor cultuurgrond.
Op besmette cultuurgrond geldt een teeltverbod voor akker- en tuinbouwgewassen gedurende drie jaar.

In Oisterwijk staat de Knolcyperus onder andere langs de Rosep in de buurt van de Stenen Heul.

De Grote waternavel (Hydrocotyle ranunculoides)
Van nature komt deze plant voor in het voedselarm water in het oerwoud van Zuid Amerika.
De Grote waternavel is in Nederland geïntroduceerd als vijver- en aquariumplant, en was te koop in tuincentra.

Omdat hij in vijvers door zijn snelle groei, in snel tempo het water overwoekert, dumpten de eigenaars hem  vaak in sloten of  andere watergangen met alle nadelige gevolgen van dien.

LNV heeft voor de detailhandel op 1 jan. 2001 een verkoop en bezit- verbod afgekondigd. Ook vijverbezitters moeten de plant verwijderen en vernietigen.

De Grote waternavel vormt vanuit de oeverlijn naar alle kanten uitlopers, die maximaal een meter het land opkruipen, maar zich over het water vrijwel onbeperkt kunnen uitbreiden.
Ze vormen daarbij een soort dekens op het water (drijftillen), waarbij de inheemse vegetatie praktisch volledig verdrongen wordt.

De plant vermeerdert zich heel gemakkelijk vegetatief. Ze dragen wortels over vrijwel hun gehele lengte. Afgebroken plantendelen vormen een soort stekjes. Elk afgebroken stukje plant dat op de bodem terecht komt, vormt zo op zijn beurt weer een nieuwe plant.

De verwijdering van de plant is door zijn onstuimige groei een zeer kostbare jaarlijks terugkerende zaak geworden.

In Oisterwijk is de plant o.a. aanwezig in de bypass van de Achterste stroom langs de Gemullehoekenweg; en in de kleine Aa en  Beerze.

Grote waternavel Jakobskruiskruid

Jakobskruiskruid (Jacobaea vulgaris)
Jakobskruiskruid is een middelhoge meestal tweejarige plant, die bloeit met een krans van gele straalbloempjes.
De naam Jacobaea verwijst naar de datum 25 juli – feestdag van Sint Jakobus de oudere. Vaak bloeit de plant echter al een maand eerder.
De plant komt steeds meer voor in bermen; op dijken en in de perceelsranden van weilanden. De plant is zeer geliefd bij vlinders.
Het is een pioniersplant die zich snel verspreidt. Een volwassen plant produceert 75 tot 200.000 zaadjes, die door het zaadpluis met de wind worden meegevoerd, en op open plekken gemakkelijk ontkiemen.

Jakobskruiskruid is een giftige plant. De bloemen bevatten twee keer zoveel gif als de bladeren.
Dieren die de plant eten krijgen alkaloïden binnen, die de lever aantasten. Rundvee, maar vooral paarden zijn daar gevoelig voor.
Tijdens het grazen worden de planten vaak gemeden. Als de planten echter in gedroogde vorm in het hooi zitten, worden ze door de eters niet meer herkent, terwijl de giftigheid nog even erg is. De plant is zeer moeilijk te bestrijden. De beste optie is maaien vóór de plant zaden krijgt.

Terug naar boven

 

Verslag bezoek aan de Heistraat en Pastoorspaadje in Moergestel op 22/04/09.

Met 8 van onze leden zijn we op een mooie voorjaarsavond gaan kijken op twee plaatsen in Moergestel waar we als B-Team actief bij betrokken zijn. Hieronder volgen onze conclusies.

Heistraat:
Het advies van het B-team is om de perceelgrens opnieuw te laten uitmeten door het kadaster, zodat de oorspronkelijk grens van het pad weer in ere hersteld wordt.
Vanaf de Akkerstraat gezien ligt aan de rechterkant (de kant van de akkers) de huidige sloot niet op de juiste plaats. De sloot moet weer in zijn oorspronkelijke staat worden teruggebracht en aan beide zijden de houtwal aangeplant. Hierdoor komt de sloot weer in het midden te liggen.

Aan de linkerkant is de sloot in betere staat, maar moet ook deze op sommige plaatsen hersteld worden. Ongeveer halverwege is de sloot met een bult zand gedempt en vervolgens is dit aangeplant. Dit kan absoluut niet en moet ook weer hersteld  worden. Aan deze zijde kan dan vervolgens de houtwal weer hersteld worden. Het allerbelangrijkste is dat het zandpad gehandhaafd blijft. Het pad moet overigens wel  bol lopen ivm. de afwatering. Door de aanplant zal het pad ook weer zijn oorspronkelijke smallere vorm terug krijgen, wat zeker gewenst is.

Betreft de aanplant: de doornloze bramen en vlier moeten weg. De huidige beplanting moet vervangen worden door geschiktere en passendere soorten. De Witte Populieren moeten worden afgezet.

Biodiversiteitsteam Oisterwijk in de Heistraat Moergestel B-team Oisterwijk in de Heistraat Moergestel Heistraat Moergestel
Images/images/Projecten Harm Detz Meer images/images/Projecten: Heistraat  

Pastoorspaadje:
Het eerste stuk bij het parochiehuis is keurig hersteld en netjes aangeplant. De illegale doorgang verderop had al dicht moeten zijn. Dit is helaas nog niet gebeurd en de bestrating is daar ook nog niet verwijderd.
Aanwonenden moeten door de gemeente kenbaar gemaakt worden, dat zij niet aan de heg mogen komen vanwege de cultuurhistorische waarde van de heg.
Opgeschoten andere soorten planten/struiken moeten verwijderd worden uit de heg. De heg moet verder worden gerestaureerd, zonder de goede stukken te rooien. Het behouden van deze waardevolle heg is van groot belang, ook in de slechtere delen.
Tevens moet de ingegroeide prikkeldraad los geknipt (niet uit de boom verwijderd) worden en mag er geen draad meer aan de heg worden bevestigd.
Belangrijk is dat de heg gerestaureerd wordt en dat er vakkundig onderhoud gepleegd wordt.

B-Team Oisterwijk bij het Pastoorspaadje  Moergestel B-Team Oisterwijk bij het Pastoorspaadje  Moergestel B-Team Oisterwijk bij het Pastoorspaadje  Moergestel
Foto's Hanneke de Brouwer

Meer foto's van het: Pastoorspaadje

 

We zijn ook nog in het Simonnepaadje naar de status van dat paadje gaan kijken. Dit zag er goed uit en is goed onderhouden. Er zijn nog wel verbeteringskansen. Dit zou een aandachtspunt kunnen zijn na het afronden van het Pastoorspaadje.

Terug naar boven

 

Ontwikkelingen Voorste Stroom.

Hier enkele images/images/Projecten van de werkzaamheden aan de Voorste Stroom in Oisterwijk. Het B-Team is op het gebied van de biodiversiteit bij de ontwikkelingen omtrent de Voorste Stroom betrokken.

Met dank aan Harm Detz voor de images/images/Projecten.

Meer foto's vind je hier.

Werkzaamheden aan de Voorste Stroom Oisterwijk VoWerkzaamheden aan de Voorste Stroom Oisterwijk Werkzaamheden aan de Voorste Stroom Oisterwijk

Terug naar boven

 

Inheems of autochtoon?
Door Wim Schoenmakers

In het woordenboek van van Dale staan de volgende omschrijvingen voor inheems en autochtoon:
Inheems     : in het land zelf thuis horend, niet van elders ingevoerd.
Autochtoon: oorspronkelijk in een bepaald gebied thuishorend.

Autochtoon zijn de bomen en struiken die zich hier na de laatste ijs- tijd, (zo’n 13.000 jaar geleden) , spontaan hebben gevestigd, en zich ter plekke altijd natuurlijk hebben verjongd, of die zijn verjongd met uitsluitend lokaal plantmateriaal.
Deze soorten dragen belangrijke genetische eigenschappen in zich waardoor ze veranderingen in klimaat of milieu beter  kunnen over- leven, en ook beter bestand zijn tegen ziekten.
Ze vormen een belangrijk deel van de biodiversiteit en ecologische waarde van onze landschappen en natuurgebieden.

Eikestoof in de Loonse en Drunense Duinen

Eikenstoof in de Loonse en Drunense duinen

Zo is bijvoorbeeld de autochtone Fladderiep, die in ons land nog maar sporadisch voor komt, een iepensoort die geen last heeft van de iepziekte die zoveel schade aanricht. De bast van de Fladderiep wordt niet gegeten door de iepenspintkever die de besmettelijke schimmels verspreiden.

Autochtone meidoorns zijn vermoedelijk minder vatbaar voor ziekten als bacterievuur.

Veel plantmateriaal wordt opgekweekt uit relatief goedkoop zaad dat wordt geïmporteerd uit Zuid- en Oost- Europa. Het gaat dan wel om soorten die ook bij ons van nature voorkomen, maar het import mate- riaal heeft andere erfelijke eigenschappen en is daardoor minder aangepast aan de klimatologische omstandigheden van het West-Europese laagland waartoe Nederland behoort.
Op verschillende plaatsen zijn bijvoorbeeld veldesdoorns, sleedoorns en meidoorns te vinden van mediterrane herkomst, met vitaliteitsproblemen.

Zaden die afkomstig zijn uit warmere landen leveren plantmateriaal dat meestal vroeger in bloei zal komen. De insecten in ons land zijn hier echter niet op geprogrammeerd.   

Volgens bioloog Bert Maes komen er in Noord Brabant van oudsher  73 inheemse soorten bomen en struiken voor. Hiervan is 15% uitgestorven en 60% uiterst of zeer zeldzaam geworden.

Tegenwoordig zijn autochtone bomen en struiken nog voornamelijk te vinden op oude bosplaatsen, in houtwallen, singels, heggen en aan de oevers van niet vergraven beken.

Vlechtheg

Vlechtheg

De ecologische adviesbureaus Van Loon en Maes hebben in opdracht van de Brabantse Milieu Federatie een onderzoek gedaan naar oude boskernen en autochtone bomen en struiken in Midden- en Oost- Brabant, en deze in kaart gebracht.
Het ecologisch adviesbureau Maes heeft in opdracht van Natuurwerkgroep Liempde en Stichting Natuurprojecten Liempde de autochtone genenbronnen van bomen en struiken in Het Groene Woud aangegeven.
Beide rapporten zijn uitgebracht in januari 2008, en vormen tevens de bron van dit verhaal.

Door schaalvergroting in de landbouw, uitbreiding van steden en dorpen en wegenaanleg gaan er helaas nog steeds veel authentieke groeiplaatsen van autochtone bomen en struiken verloren.

Het is van wezenlijk belang  dat de overheid en natuurbeheerders bij het beheer van groen rekening houden met de aanwezigheid van autochtone bomen en struiken.

Het heeft ook de voorkeur om bij landinrichtingsprojecten en bij de aankleding van stad en platteland, zoals laanbeplantingen, houtwallen, groenvoorzieningen, parken en ecologische verbindingszones, te kiezen voor autochtoon plantmateriaal.

Gelukkig zijn er al kwekers, die gecertificeerd zijn voor de levering van waardevol autochtoon plantmateriaal!!

Terug naar boven

Betreft                            :  Studiedag Oude boskernen en autochtone bomen en struiken
                                                  Een onvervangbaar Brabants erfgoed.

Datum / Plaats                    :  Woensdag 26 november 2008 te Oirschot
Organisatie                          :  Brabantse Milieufederatie, Dagvoorzitter  Ger van de Oetelaar,
                                                   wethouder van Boxtel, adviesbureaus Maes en van Loon.
Aanw. vanuit het  B-team :  Dre van Hal, Bert Klerks, Wim Schoenmakers, Gerien de Zeeuw

DOEL STUDIEDAG
                       
1. Bekendheid geven aan het belang en voorkomen van autochtone bomen en struiken
2. Presentaties van de resultaten van de inventarisaties van oude boskernen en autochtone bomen en
    struiken in de regio’s De Meierij, Kempenland, Boven-Dommel en De Peel.
3. Behoud van autochtone genenbronnen door het voeren van juist beheer en het opkweken van
    plantmateriaal afkomstig van autochtone genenbronnen.
4. Schakels leggen tussen dit onderzoek (inventarisatie), teelt van autochtoon plantmateriaal en het
    aanplanten van autochtone bomen en struiken bij ruimtelijke plannen (bijv. ecologische verbindings-
    zones, dorps- en stadsontwikkeling, landbouwontwikkelingsgebieden.
5. Bekendheid geven aan de mogelijkheden die het “Deltaplan voor het Landschap”kan bieden met
    betrekking tot aanleg en behoud van autochtone bomen en struiken.

MANIFEST:    Behoud en ontwikkeling van autochtone bomen en struiken in Brabant.

Autochtone bomen en struiken vormen een belangrijk deel van de biodiversiteit en ecologische waarde van onze landschappen en natuurgebieden. Ze zijn de dragers van ons natuurlijk erfgoed en komen voor in oude bossen, heggen en houtwallen.
Door hun lange voorgeschiedenis en genetische selectie vanaf de laatste IJstijd, zijn ze niet alleen ecologisch van betekenis, maar ook als genenbron.
Daarnaast zijn autochtone bomen en struiken van cultuurhistorische waarde: het gaat om de oudste groenstructuren met bomen en struiken die in de Provincie bewaard zijn gebleven.

Vooral in de afgelopen eeuw zijn deze genenbronnen in aantal sterk achteruitgegaan, onder druk van de schaalvergroting in het landschap en milieuproblemen.
Uit onderzoek door Ecologisch Adviesbureau Maes (Utrecht) en Ecologisch Adviesbureau Van Loon (Berg en Dal) blijkt dat minder dan 5% van de landschappelijke beplantingen in Nederland nog autochtoon is. Het merendeel van de soorten is bedreigd in hun voortbestaan.

De teloorgang van autochtone bomen en struiken kan met succes worden tegengegaan. Dan moet bij het beheer van groen rekening worden gehouden met de aanwezigheid van inheemse soorten.
Daarnaast kunnen autochtone bomen en struiken worden aangeplant.
De ontdekte autochtone populaties kunnen gebruikt gaan worden voor stek- en zaadoogst ten behoeve van het opkweken van nieuw bos- en haagplantsoen.
Een eerste oogst- en kweekprogramma is reeds uitgevoerd, zodat thans (plantseizoen 2008 – 2009) autochtoon plantmateriaal beschikbaar is voor toepassing in landinrichtingsprojecten en bij de aankleding van stad en platteland, zoals laanbeplantingen, houtwallen, groenvoorzieningen, stadsparken en ecologische verbindingszones.

Door de deelnemers aan het symposium is op 26 november te Oirschot het volgende manifest ondertekend:

 Overwegende:

1. dat oude landschapselementen (oude boskernen, houtwallen, singels en heggen) in Noord-Brabant
    van grote betekenis zijn voor het Brabantse cultuurerfgoed, als oorspronkelijke inheemse genen-
    bronnen en voor de beleving van onze woonomgeving;

2. dat oude landschapselementen inmiddels tot de grote zeldzaamheden behoren van ons landschap;

3. dat oude landschapselementen en autochtone bomen en struiken een belangrijke bijdrage leveren
    aan de biodiversiteit;

4. dat autochtone bomen en struiken beter bestand zijn tegen ziekten;

5. dat kennis van de aard en ligging van oude landschapselementen beschikbaar moet zijn c.q. komen
    ten behoeve van op duurzaamheid gericht beleid en uitvoering van plannen.

Spreken de deelnemers aan het symposium de intentie uit dat:

1. oude landschapselementen zoveel mogelijk worden gehandhaafd en waar nodig worden hersteld;

2. oude landschapselementen bij de inrichting van (nieuwe) woonwijken, industrieterreinen en land-
    schappelijke inrichtingen zo mogelijk worden gespaard en ingepast.

3. informatie over waardevolle beplantingen opgenomen wordt in de basisinformatie van nieuwe
    ruimtelijke plannen, zodat deze standaard wordt meegewogen in de besluitvorming.

4. bij nieuwe aanplant in oude landschapselementen en de omgeving daarvan autochtoon plantgoed of
    cultuurhistorisch plantgoed wordt toegepast;

5. overheidsinstanties (RWS, DLG, provincie Noord-Brabant, gemeenten, waterschappen) en natuur-
    beherende instanties (Brabants Landschap, Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer) hierin een
    voorbeeldfunctie gaan vervullen.
  

ONTVANGEN DOCUMENTATIE:

* Rapport Oude Boskernen in Midden- en Oost-Brabant , door Ecologisch Adviesbureaus Van Loon,
   en Maes. In opdracht van de Brabantse Milieu Federatie, Tilburg. Januari 2008
* Rapport Oude boskernen in Het Groene Woud, door ecologisch adviesbureau Maes in opdracht van
   Natuurwerkgroep Liempde en Stichting Natuurprojecten Liempde
* Folder van kwekerij van autochtone bomen en struiken, bronnen bomen.  Info: www.bronnen.nl

Wim Schoenmakers, 30 november 2008

Terug naar boven

 

Betreft              : Uitnodiging van het B-Team als Gast van de Raad
Plaats                    : Raadszaal. Raadhuis
Datum                   : 23 oktober 2008
Vergadering          : Commissie Ruimtelijke zaken
Aanwezig vanuit   : Jens Christiaanse, Dré van Hal, Bert Klerks, Wim Schoenmakers,
het B-Team           Eric Stols en Gerien de Zeeuw.

SAMENVATTING

Tijdig voor aanvang van de vergadering ontvingen we per post de stukken voor de vergadering van de Commissie Ruimtelijke Zaken (63 A-4 tjes!)
(Er zijn nog twee andere commissies: Inwonerszaken en Middelen + Algemeen Bestuurlijke Zaken.)

Een half uur voor de aanvang van de vergadering werden we zeer gastvrij ontvangen door Marc Schoenmakers, Mart Emmen en Christianne Hesselmans.
We werden uitvoerig geïnformeerd over de procedures tijdens de vergadering, en over hoe een raadsvoorstel en raadsbesluit uiteindelijk tot stand komt.

De vergadering begon stipt op tijd, en was ook op de afgesproken tijd afgelopen.
De Voorzitter, mevrouw M. Bastiaan, hield zich keurig aan de agenda, en greep waar nodig direct in om de vergadering ordelijk en to the point te laten verlopen.

Er waren drie techneuten aanwezig voor beantwoording van technische vragen.
De drie wethouders waren parttime aanwezig voor beantwoording van vragen over agenda- punten uit hun portefeuille.

Na afhandeling van ieder agendapunt werd aan de verschillende fracties gevraagd of aan het
agendapunt een a of een b werd toegekend. Als unaniem wordt gekozen voor a, dan is het stuk aangenomen, en kan naar de raad.
Bij een of meer b-kiezers moet het stuk opnieuw besproken worden.

De aanwezigen van het B-Team zijn ook als gast uitgenodigd voor de Raadsvergadering van 6 november a.s.
Dit om te zien hoe de op 23 oktober besproken punten verder worden behandeld in de raadsvergadering.

Op de website www.oisterwijk.nl kunt u door commissievergadering aan te klikken, enige opmerkingen en images/images/Projecten van de B-Team gasten vinden, en verder onder andere verslagen van alle vergaderingen (rechtstreekse link: http://www.oisterwijk.nl/smartsite8317.htm ) .

We keerden allen met een voldaan en tevreden gevoel huiswaarts.

Wim Schoenmakers
1 november 2008.

Klik hier voor alle images/images/Projecten.

Biodiversiteits team Oisterwijk gast bij de Raad B-Team Oisterwijk gast bij de Raad

Terug naar boven

 

Artikel Nieuwsklok.

Raad op werkbezoek naar B-teamprojecten op 20 september 2008

Een groot aantal leden van de Oisterwijkse Raad heeft zaterdagvoormiddag deelgenomen aan een werk-ontmoeting met het nu twee jaar oude plaatselijke biodiversiteitsteam: het B-team. In de Burgerzaal van het Raadhuis werden raadslieden en leden van het B-team welkom geheten door burgemeester Yvo Kortmann en door wethouder Joop van Hezik in zijn hoedanigheid als B-teamlid. B-team aanspreekpersoon Frans Kapteijns gaf vervolgens een inleiding over het B-team aan de hand van een diapresentatie. Daarbij werd duidelijk dat het B-team zich bijzonder inspant om binnen de gemeente Oisterwijk de teruggang van de biodiversiteit te stoppen. Dat kan het B-team niet alleen, daarvoor zijn ook inspanningen nodig van overheden en particulieren. Het B-team is actief op velerlei fronten in Oisterwijk, Moergestel en Heukelom en onderzoekt de mogelijkheden om informatie-avonden te organiseren en de bevolking voor te lichten over ieders persoonlijke inzet om minstens te komen tot handhaving van de biodiversiteit in eigen omgeving.
De raadslieden hebben na de binnenpresentatie, per fiets een bezoek gebracht aan enkele punten in Oisterwijk waar en/of waarvoor activiteiten door het B-team werden ontplooid. Het B-team wijst er in dit verband op dat men heel veel bijzonder interessante info en wetenswaardigheden vindt op haar website www.bteam.inoisterwijk.nl waar allengs meer informatie op te vinden zal zijn over het onderwerp biodiversiteit en aanverwante onderwerpen.

Meer fot's: raad op werkbezoek bij B-Team

Terug naar boven


Foto's van biodiversiteit in het Natuurtheater in Oisterwijk, met dank aan Wim Schoenmakers.

Biodiversiteit in het natuurtheater

Op initiatief van kapelaan Rovers werd in 1936 het Oisterwijkse openluchttheater gebouwd.

De tribunes van het  half-ronde amfitheater zijn gemetseld met een zachte mortel op basis van kalk, zand, schelpengruis, leem en gehakseld stro.
De gebruikte stenen zijn de zogenaamde kloostermoppen. Dit zijn groot formaat bakstenen, die al in de middeleeuwen door verschillende kloosters werden geproduceerd.
Voor het natuurtheater werd een speciaal extra groot formaat stenen gebakken om voldoende zitoppervlakte te krijgen.
De stenen die het dichtst bij de vuurhaard lagen, werden harder afgebakken dan de stenen die op grotere afstand lagen. De variatie in hardheid van de stenen levert een extra bijdrage aan de plantendiversiteit.

Tot 1988 waren planten die zich tussen de stenen wilde vestigen, geen lang leven beschoren. De zitplaatsen moesten vooral schoon en plantenvrij zijn. Met de nodige chemische bestrijdingsmiddelen werd met succes de aanval ingezet.

In 1988 kwam het natuurbeheer van het natuurtheater in handen van Bert Klerks, die overstapte naar een biologisch verantwoorde wijze van beheer. Weg met de gifspuit!

De begroeiing tussen de horizontaal gelegen stenen wordt kort gehouden met een grastrimmer. De planten tussen de vertikaal gelegen stenen kunnen wat meer hun gang gaan.

Door deze aanpak zijn de tribunes nu verworden tot een echt natuur-theater!

Er is een grote verscheidenheid aan planten aanwezig. Sommige daarvan hebben heel specifiek het kalkrijke stenige substraat als levensbron nodig.
Van deze laatste soort troffen wij onder meer aan:
De Muurvaren (Asplénium ruta-murária) , de  Muurleeuwebek (Cymbalária murális) en de Tongvaren (Phyllitis scolopéndrium)  

Wim Schoenmakers
Juli 2008

Tongvaren in Natuurtheater in Oisterwijk Muurvaren in Natuurtheater Oisterwijk

Terug naar boven

 

Eikebomen geplant in Berezhany dankzij actie B-Team op Nieuwjaarsreceptie Gemeente Oisterwijk

Op de Nieuwjaarsreceptie (2008) van de gemeente Oisterwijk was het B-Team aanwezig om zich te presenteren. Naast het uitdelen van chocolade-eikeltjes, werden er ook zo'n 100 jonge eikebomen uitgedeeld. Hieronder het verhaal hoe het met één van deze bomen verder gegaan is.
We horen natuurlijk graag hoe het met de rest van de bomen verlopen is.

Ongeveer 120 kinderen waren aanwezig bij het planten van de eik. De school is een Internaatschool in het district Berezanhy, vrijwel het armste deel van de regio Ternopil, Ukraine.

De achtergrond van de kinderen:

  • Weeskinderen
  • Kinderen uit ontwrichte gezinnen
  • Kinderen waarvan de ouders uit de ouderlijke macht zijn ontzet.

Kortom kansarme kinderen. Voorts kansloos omdat het diploma van de internaatschool garant staat voor `geen enkele kans op de arbeidsmarkt`.

 Korte samenvatting:

Ik heb aangegeven dat de boom symbolisch is. Omdat hij klein en zwak is wordt hij geplant en de verantwoording voor verzorging wordt bij de leerlingen gelegd. Daardoor groeit hij uit tot grote sterke boom, die ons beschutting biedt maar ook producten levert. Zo ook met de leerlingen: jong en zwak, maar door zorg en aandacht zullen zij uitgroeien tot waardevolle deelnemers aan de maatschappij.

Een van de jongens was daardoor zo geraakt dat hij vroeg of hij de boom mocht planten.  (Note: deze jongen was door zij moeder ongewenst en zij heeft, om van hem af te komen, hem met kokend water overgoten. Vanuit Nederland zijn veel cosmetische operaties betaald om de schade te herstellen).   

Uiteraard feestelijk afgesloten met fruit, ijs en snoep. Voor de kinderen ongekende luxe.

Millenniumdoel 2 heeft deze week concreet invulling gekregen.

aanplant Eikeboom Berezanhy aanplant Eik Berezhany aanplant Eik Berezhany

Terug naar boven

 

Fietspad Zandstraat

Inmiddels is er aan de Zandstraat in Moergestel een prachtig fietspad aangelegd. Dit fietspas was uit veiligheidsoverwegingen nodig, maar hiervoor zijn wel een groot aantal Eiken, waaronder Amerikaanse Eiken geveld. En dat vonden we als B-Team wel zorgwekkend.

Dankzij oplettendheid van één van de leden van ons team, heeft het B-Team hierop actie kunnen ondernemen. Hierdoor hebben we betrokkenheid gekregen bij het aanplantingsplan.

Harm Detz heeft voor ons prachtige foto's gemaakt. Klik hier voor meer foto's.

Gerooide bomen aan de Zandstraat

 

werkzaamheden aan de Zandstraat

Nieuwe aanplant aan de Zandstraat

Terug naar boven

 

Excursie van het B-Team naar Het Kruidenrijk
Op maandag 19 mei 2008 is het B-Team voor een excursie naar Het Kruidenrijk in Haaren geweest. Dit was een zeer interessante avond.
Na eerst een rondleiding te hebben gehad door de grote en indrukwekkende tuin hebben we binnen een uiteenzetting gehad over de manier van werken van Het Kruidenrijk, gevolgd door een rondleiding door het nieuwe gebouw.

Het Kruidenrijk wordt gerund door Yvonne Maessen en René Rijnberg. Zij telen de kruiden, verzamelen en drogen ze en maken er dan producten van zoals kruidentheeën, oliën, zalven en tincturen.
Ook worden er opleidingen en korte cursussen/workshops gegeven.

Zie hier voor meer foto's.

Leden van het B-Team in Het Kruidenrijk. Foto Gerien de Zeeuw Leden van het B-Team actief in de tuin. Foto Gerien de Zeeuw Bloemenpracht in Het Kruidenrijk. Foto Gerien de Zeeuw

Terug naar boven

 

Pastoorspaadje Moergestel

B-team adviseert over Pastoorspaadje

Op verzoek van de gemeente heeft het Biodiversiteitsteam Oisterwijk, het B-team, vorige woensdag, 21 mei, een bezoek gebracht aan het dit jaar 152 jaar oude cultuur-historische Pastoorspaadje in Moergestel, waarmee van alles, vooral negatief, aan de hand is. Er is door het B-team op de huidige situatie een controle uitgevoerd aan de hand van het rapport van het Haarens bureau Groen-Tuin & Groenvoorziening en de B-teambevindingen, conclusie en adviezen zijn ter kennis van de gemeente gebracht.

Harm Detz, Frans Kapteijns en Bert Klerks, drie van de ter zake kundige leden van het B-team, hebben de huidige door woningbouw ontstane gewraakte situatie van het Pastoorspaadje vastgesteld en vastgelegd en er enkele belangrijke adviezen over uitgebracht. Het B-teamrapport sluit met onder meer het advies dat met de bewoners overleg gepleegd zou moeten worden om het onderhoud van de monumentale haag naast hun woningen aan de gemeente over te dragen. Wettelijk gezien zou een constructie gemaakt kunnen worden waarbij de gemeente een soort ‘vruchtgebruik’ verkrijgt. Wellicht ware het zelfs beter om, indien mogelijk, de onderliggende grond van het paadje te verwerven.

Bevindingen
In de beukenheg aan de woningkant van het Pastoorspaadje zijn twee openingen gemaakt, een zeer grote opening van 3 meter ter hoogte van de hoofdingang van de nieuwbouw en een kleinere van 1 meter tussen twee betonpalen. De grond is er plaatselijk 60 cm. afgegraven tot aan de haagvoet. Er is een tegelpaadje van 2 tegels gelegd onder de haag tegen de haagvoet, niet conform de tekening. De verwijderde beuken zijn herplant enkele meters noordelijker op de plaats waar voorheen de poort van Den Boogaard zat. De haag staat volgens gemeente deels op particuliere grond.

Conclusie
Het B-team concludeert dat de voor dit historische pad typerende gesloten haag op twee plaatsen illegaal is doorbroken. Door van dit verbindingspad een toegangspad voor woningen te maken is de historische functie ingrijpend gewijzigd. Door graafwerkzaamheden en peilwijzigingen aan de aangrenzende tuinen is een groot deel van de haag bedreigd en zal zonder maatregelen binnen een jaar afsterven. Ondeskundige snoeiwerkzaamheden zullen naar verwachting dit proces nog versnellen. De nu uitgevoerde doorbreking zal waarschijnlijk een precedentwerking hebben. Iedere aanwonende zou op termijn naar eigen inzicht de haag kunnen snoeien of verminken.

Advies van B-team
De beide ontstane openingen moeten ongedaan gemaakt worden. Doordat de toegangsweg naar de woningen achter Den Boogaard alleen via trappen te bereiken is, zal bekeken moeten worden of een concessie in de vorm van één opening van 120 cm. ter hoogte van de hoofdingang acceptabel is. De woningen zijn voor rolstoelgebruikers niet toegankelijk via de voorzijde. De haagvoet zal minimaal 60 cm uit het hart van de haag vrij moeten zijn van verharding, begroeiing of verstoring. Het tegelpad zou dus verlegd dienen te worden. De noodzakelijke snoei zal altijd vakkundig uitgevoerd moeten worden en in fasen. Het al verplante stuk heeft zeer weinig overlevingskansen en behoeft dus deskundige verzorging en onderhoud. Verplaatsen of vervangen van de hagen is onmogelijk zonder de breedtemaat van het pad te wijzigen. Het rapport van Groen T.L.G. had wel verplaatsen genoemd, maar gaat daarbij van één zijde uit. De andere zijde verplaatsen is onmogelijk.
Deze gebeurtenissen tonen nogmaals het belang aan van een eerder door het B-team gegeven advies om hagen en andere kleine groene elementen een beschermde monumentale status te geven.

Voor meer foto's van het Pastoorspaadje: klik hier.

Pastoorspaadje. Foto Harm Detz Aanslag op beukenhaag Pastoorspaadje

Vernieling beukenhaag Pastoorspaadje

 Terug naar boven

 

Muur aan de Gasthuisstraat met dank aan Wim Schoenmakers

Biodiversiteit op en tussen stenen?

Het B-team zet zich in om de biodiversiteit te behouden of te bevorderen.

Om die reden heeft het B-team zich óók ingezet om de historische muur langs de Gasthuisstraat in Oisterwijk te behouden.

Deze afscheidingsmuur van het eermalige gasthuis, dateert uit 1876.
In die tijd had men nog niet de beschikking over het harde portlandcement van tegenwoordig.
Nee, toen werd er nog een veel zachtere mortel gebruikt op basis van kalk, zand, schelpen- gruis, leem en gehakseld stro.
Ook werden de gebruikte stenen minder hard gebakken dan tegenwoordig.

Hierdoor zijn kalkminnende planten in staat om op zo’n muur te groeien.

Bij de restauratie van de muur in de Gasthuisstraat is gebruik gemaakt van een kalkhoudende metsel- en voegspecie, waarvan de kwaliteit die van vroeger benadert.

In eerste instantie zullen op de gerestaureerde muur weer primitieve levensvormen ontstaan, zoals bacteriën, schimmels en blauwwieren.
Door afscheiding worden chemische verweringsprocessen in gang gezet, die vestiging van korstmossen mogelijk maakt.
De korstmossen zorgen ervoor dat humus en stofdeeltjes worden opgevangen en vastge- houden. Deze bevatten minerale voedingsstoffen en beschermen tegen uitdroging.
Pas in een veel later stadium zal zich op de muur de Muurvaren (Asplénium ruta-murária) gaan vestigen.
De Muurvaren is bij uitstek de pionier van muurbegroeiingen, en vestigt zich al in minieme holten van de kalkrijke voegen, als die nog weinig verweerd zijn.

Op de geprofileerde ezelsrug van de oude muur zijn plaatselijk nog korstmossen aanwezig.
Voor de komst van Muurvarens is in ieder geval de basis gelegd, maar wordt enig geduld gevraagd.

Wilt u echter nu al Muurvarens zien, dan kan dat op de oude tuinmuur van de pastorie van de Petrusparochie, die dateert uit 1858 en een gedeelte zelfs uit de 17e eeuw.   

Images/images/Projecten van de muur aan de Gasthuisstraat te Oisterwijk met dank aan Wim Schoenmakers

muur Gasthuistraat Oisterwijk muur Gasthuisstraat te Oisterwijk muur Gasthuistraat te Oisterwijk
     


Terug naar boven

 

Onder onderstaande linken vind je een mooie rapportage over De Lind 20 in PDF formaat.
Biodiversiteit & beeldkwaliteit De Lind 20
Bijlage 1: huidige situatie
Bijlage 2: voorstel nieuwe situatie

Projectteam
Gerien de Zeeuw
Madeleine Schoenmakers
Marien Provoost

Terug naar boven

 

Volg ons op :

 |  |

Copyright © B-Team Oisterwijk 2014. All Rights Reserved.